In opdracht van de VSCD voerde het Amsterdam Centre for Career Research van de VU in Amsterdam een onderzoek uit over loopbaanontwikkeling in de podiumkunsten. Wat waren de belangrijkste conclusies van dat onderzoek en wat valt daaruit te leren?
Josje Dikkers van ACCR liep aan het begin van deze brainstormsessie de resultaten en conclusies door van het onderzoek. Daarbij stond het loopbaansucces van marketeers, technici en directies in de podiumkunsten centraal. In het onderzoek zijn ook individuele factoren en organisatiefactoren meegenomen. De resultaten komen voort uit de antwoorden van 366 respondenten. Er is geen onderscheid gemaakt op basis van omvang of soort podium en is ook niet gekeken naar regionale verschillen. Op verzoek kan er nog wel een uitsplitsing gemaakt worden.
Uit het onderzoek bleek dat bij de groep van marketeers met name behoefte is aan taakverrijking: men zou graag zien dat taken van een hoger niveau aan het bestaande pakket toegevoegd worden. Opvallend is dat hetzelfde ook voor de groep van directeuren geldt: ook zij hebben behoefte aan taakverrijking. Het meest opvallende resultaat bij de technici is, dat deze groep cognitief star blijkt. Het rapport geeft als aanbeveling de betrokkenheid van medewerkers te stimuleren en meer uitdaging in het werk te creëren.
Er zijn verschillende problemen waar theaters tegenaan lopen. Onder directeuren heerst nog steeds het idee dat marketing niet per se het terrein van de marketeer hoeft te zijn. Cognitieve starheid is met andere woorden niet alleen onder technici, maar ook onder directeuren te vinden.
Verder maakt een aantal problemen het moeilijk om een goed P&O-beleid op te zetten. Kleine theaters hebben vaak geen eigen P&O-medewerker of hebben te maken met een medewerker van buiten, bijvoorbeeld van de gemeente.
Vanuit de zaal kwam de suggestie om meer te werken vanuit een levensfasebewust personeelsbeleid. Ook zouden theaters wellicht werknemers op leeftijd kunnen uitwisselen en zo kennis delen. Die methode is inmiddels wel geïntroduceerd bij bouwvakkers.
P&O diensten zouden kunnen worden gedeeld. Een groot theater zou bijvoorbeeld P&O-diensten kunnen aanbieden aan een klein(er) theater in de buurt, eventueel tegen betaling. Ook andere vormen van samenwerking zijn denkbaar. Zo lijkt het mogelijk om een gezamenlijk P&O-beleid op te zetten met de theaters van de vier grote Brabantse steden.
Overigens blijkt uit de discussie dat P&O-ers in de podiumkunsten meer onderling contact op prijs zouden stellen.
Ook scholing zou een oplossing kunnen bieden. Scholing is een investering die zich terug betaalt. Daar zou meer geld in gestoken moeten worden. Een lange termijnbeleid waarin voor iedere medewerker een loopbaanplanning binnen de organisatie wordt gemaakt, met eventueel de mogelijkheid om de organisatie te verlaten, zou kunnen helpen. Gelukkig gaat het in de sector dankzij de CAO de goede kant op.
Klik hier voor de presentatie
Klik hier voor het rapport